Crypto

Crypto belasting in box 3 aangeven

Crypto belasting in box 3

Voor de Belastingdienst is crypto vermogen, net als een spaarrekening of een ETF-portefeuille. Het bezit wordt voor de meeste particulieren afgerekend in box 3, op basis van de waarde op 1 januari van het belastingjaar. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk lopen beleggers tegen vragen aan: welke koers gebruik je, hoe ga je om met crypto op een hardware wallet, en wat doe je met staking-rente of airdrops? Dit artikel zet stap voor stap uiteen hoe je crypto correct aangeeft, welke documentatie nuttig is en welke valkuilen je beter vermijdt.

Waarom dit onderwerp ertoe doet

Sinds 2018 vraagt de Belastingdienst expliciet naar crypto-bezit in de aangifte inkomstenbelasting. Beurzen wisselen steeds vaker gegevens uit met fiscale autoriteiten en met de invoering van DAC8 binnen de EU komt er nog meer transparantie. Niet aangeven of onjuist aangeven kan leiden tot navorderingen, boetes en in zware gevallen strafrechtelijke vervolging. Tegelijk is de regelgeving voor crypto-belasting nog volop in beweging. Wie zijn administratie op orde heeft, beperkt zowel het fiscale risico als de hoofdpijn bij een latere controle.

Stap voor stap aangifte doen

De basisregel: alle crypto die je op 1 januari van het belastingjaar bezit telt mee in box 3, omgerekend naar euro. Dat geldt voor coins op een beurs (Bitvavo, Kraken, Coinbase), op een hardware wallet (Ledger, Trezor), in een software wallet (MetaMask) en voor gestakete of uitgeleende posities. NFT’s vallen er meestal ook onder, mits ze als belegging worden gehouden.

  1. Maak op of rond 1 januari een overzicht van al je crypto-saldi, per platform en wallet
  2. Reken elke positie om naar euro met een herleidbare koers (bijvoorbeeld van de gebruikte beurs of een referentie als Coingecko)
  3. Tel de eurowaarden bij elkaar op
  4. Vul het totaal in bij overige bezittingen of cryptovaluta in de aangifte
  5. Bewaar schermafdrukken, exportbestanden en koers-bewijzen minimaal vijf jaar

De Belastingdienst heft over je vermogen via een forfaitair systeem. Het forfaitair rendement op overige bezittingen ligt aanzienlijk hoger dan op spaargeld. In 2026 wordt nog gewerkt aan een definitief stelsel op basis van werkelijk rendement; raadpleeg altijd de actuele tarieven op Belastingdienst.nl.

Praktische tips

  • Gebruik consistent dezelfde koersbron, bij voorkeur de beurs waar je handelt
  • Exporteer rond 1 januari een volledig portfolio-overzicht en sla het op als pdf
  • Houd ook tussentijdse transacties bij; dat helpt bij het reconstrueren als een platform stopt
  • Vergeet kleine balansen op DeFi-protocollen niet
  • Bij twijfel: schakel een fiscalist met crypto-ervaring in
  • Beleg of bewaar geen crypto via vrienden, familie of strawmen-constructies

Veelgemaakte fouten

  • Alleen de hoofdbeurs aangeven en hardware wallet vergeten
  • Verwarring tussen aankoopprijs en peildatum-waarde
  • Crypto-leningen of geleende stablecoins niet als schuld aangeven
  • Staking-rente als apart inkomen in box 1 zetten zonder grondslag
  • Bij verlies de positie niet meer aangeven omdat het toch waardeloos is
  • Aankopen ergens in januari als peildatum gebruiken

Nederlandse context

Toezicht op crypto-aanbieders ligt bij de AFM (gedragstoezicht) en De Nederlandsche Bank (prudentieel). Sinds 2025 vallen Crypto Asset Service Providers onder de MiCA-verordening, die EU-breed regels stelt voor beurzen, custodians en stablecoin-uitgevers. De Belastingdienst behandelt crypto voor particulieren in beginsel als vermogen in box 3.

Pas op met situaties die in box 1 (overige werkzaamheden) of box 2 kunnen vallen: zeer intensief handelen, miningfarm thuis, of crypto-activiteiten via een eigen BV. Daarbij telt het werkelijke inkomen mee, niet alleen de peildatum-waarde. Voor onduidelijke gevallen geeft de Belastingdienst soms een individuele zienswijze; juridisch advies blijft daarbij verstandig.

De bewijslast voor de waardering ligt bij de belastingplichtige. Daarom is het verstandig om bij koersgebruik aan te tonen waar je het cijfer vandaan haalde. Voor crypto op een hardware wallet die niet aan een beurs hangt, helpt een schermafdruk van het wallet-saldo plus een koersbron op de peildatum.

Veelgestelde vragen

Moet ik crypto aangeven als ik er niets mee deed? Ja. De box 3-aangifte gaat over bezit, niet over transacties. Ook coins die je hele jaar liet liggen tellen mee.

Welke koers moet ik gebruiken op 1 januari? Een herleidbare koers van een betrouwbare bron, zoals de beurs waar je handelt of een aggregator. Gebruik consequent dezelfde methodiek.

Telt staking-rente als inkomen of als vermogen? Voor particuliere beleggers geldt in de regel dat alleen het saldo op de peildatum meetelt in box 3. Bij zeer actieve of bedrijfsmatige staking kan box 1 in beeld komen.

Hoe geef ik crypto op een hardware wallet aan? Net als crypto op een beurs: eurowaarde op 1 januari, opnemen in box 3. Maak een schermafdruk van de balans en bewaar de koersbron.

Wat als ik een airdrop kreeg? De ontvangen tokens hebben op het moment van ontvangst een marktwaarde en tellen vanaf dat moment mee in je vermogen. Bij twijfel of de airdrop een tegenprestatie was, vraag een fiscalist.

Wat als ik verlies maakte? Verlies in box 3 leidt niet tot een aparte aftrekpost; je vermogen is op de volgende peildatum simpelweg lager. Wel blijft het belangrijk om de positie correct aan te geven.

Wat doet DAC8? DAC8 is een EU-richtlijn die crypto-platforms verplicht klantgegevens en transacties te delen met fiscale autoriteiten. Voor Nederland betekent dit nog meer transparantie richting de Belastingdienst.

Dit artikel geeft algemene informatie over crypto-belasting en is geen persoonlijk fiscaal of beleggingsadvies. Voor jouw specifieke situatie raadpleeg je de Belastingdienst, een fiscalist of een AFM-vergunninghoudende adviseur. Beleggen brengt risico’s met zich mee; je kunt (een deel van) je inleg verliezen. Rendement uit het verleden biedt geen garantie voor de toekomst. Beleg alleen met geld dat je kunt missen.

You may also like...